Literatuur
🏛️ Literatuurgeschiedenis: hoofdlijnen
Van Middeleeuwen tot de twintigste eeuw
✓ Je kent de belangrijkste literaire perioden en stromingen✓ Je kunt een tekst plaatsen in een literaire stroming✓ Je kent kenmerken van de belangrijkste stromingen
Literatuurgeschiedenis: hoofdlijnen
Voor het eindexamen moet je de grote lijnen van de Nederlandse literatuurgeschiedenis kennen.
Middeleeuwen (ca. 500-1500)
Literatuur was vooral religieus of ridderlijk van aard. Teksten werden voorgedragen, niet gelezen.
- Kenmerken: religiositeit, ridderidealen, moraliserende toon
- Voorbeelden: Beatrijs, Karel ende Elegast, Van den vos Reynaerde
Renaissance en Humanisme (1500-1650)
Hernieuwde interesse in de klassieke oudheid. De mens centraal (humanisme).
- Kenmerken: nadruk op ratio, klassieke vormen, optimisme over de mensheid
- Voorbeeld: Erasmus, Hooft, Vondel
Gouden Eeuw (1600-1700)
Bloeiperiode van Nederlandse cultuur en literatuur.
- Kenmerken: trots op Nederland, religieuze themas, toneel
- Voorbeeld: Joost van den Vondel (Gijsbrecht van Aemstel)
Verlichting (1700-1800)
Rede en wetenschap boven geloof en traditie.
- Kenmerken: rationalisme, kritiek op bijgeloof, optimisme
Romantiek (1800-1850)
Reactie op de Verlichting. Gevoel boven rede, natuur, het verleden.
- Kenmerken: emotie, nationalisme, historische themas, natuur
- Voorbeeld: Potgieter, Da Costa
Realisme en Naturalisme (1850-1900)
Literatuur als spiegel van de werkelijkheid, ook de harde kant.
- Kenmerken: objectieve beschrijving, maatschappijkritiek, determinisme
- Voorbeeld: Multatuli (Max Havelaar)
Tachtigers / Beweging van Tachtig (ca. 1880)
Kunst om de kunst. Verzet tegen brave burgerlijkheid.
- Kenmerken: individualisme, schoonheid, l'art pour l'art
- Voorbeeld: Willem Kloos, Louis Couperus
Modernisme (1910-1940)
Experiment met vorm en taal. Invloed van Freud en de Eerste Wereldoorlog.
- Kenmerken: stream of consciousness, fragmentarisch, subjectief
- Voorbeeld: Slauerhoff, Vestdijk